Impact op het onderwijs

De toenemende focus op labels heeft directe gevolgen voor het onderwijs. Ze beïnvloedt hoe leerlingen worden bekeken en ondersteund en plaatst de leraar voor cruciale professionele keuzes: hoe bied je rechtvaardige en inclusieve ondersteuning zonder kinderen te reduceren tot een diagnose?

Onderwijsimplicaties

Het aantal diagnoses bij kinderen in Vlaanderen stijgt snel, met bijna twintig procent groei in twee jaar tijd (Vandenberghe, 2022). Deze evolutie verhoogt de druk op scholen: leerkrachten ervaren dat labels vaak noodzakelijk zijn om zorgmiddelen of aanpassingen te verkrijgen (Timmerman & Dekkers, 2015).

Onderzoek toont dat classificaties verwachtingen in de klas sturen en invloed hebben op hoe kinderen benaderd en beoordeeld worden (Roose, Roose & Van Houte, 2019). De aandacht verschuift daarbij van het kind en zijn context naar het label, waardoor gedrag sneller als individueel probleem wordt geïnterpreteerd en onderwijs dreigt te verengen tot een doorverwijskanaal (Meganck, Bruffaerts & Vanheule, 2017).

Rol van de leraar

Vanheule positioneert de onderzoekende professional: een leerkracht die niet vertrekt van een label, maar van observatie, dialoog en reflectie. De leraar onderzoekt samen met collega’s en ouders wat er precies speelt in plaats van snel te verklaren wat er mis is. Zo’n houding sluit aan bij de beroepsrollen in het Vlaams leraarsprofiel :

  • De leraar als begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen: beginsituatie achterhalen, doelen kiezen en formuleren, krachtige leeromgeving realiseren en differentiëren zonder te herleiden tot een label.
  • De leraar als opvoeder: positief leefklimaat creëren (veiligheid, vertrouwen en welbevinden), aandacht hebben voor leerlingen met bijzondere noden zonder hen te reduceren tot een label.
  • De leraar als organisator: klasorganisatie en klasmanagement afstemmen op diversiteit (structuur, routines, ondersteuning).
  • De leraar als innovator en onderzoeker: de eigen klaspraktijk kritisch bevragen en bijsturen op basis van observatie en evaluatie, met focus op wat werkt voor deze leerling in deze context, niet op het label.

Door niet onmiddellijk te grijpen naar labels of protocollen, maar te vertrekken vanuit observatie, dialoog en context, draagt de leraar bij aan een menswaardig en inclusief onderwijsmodel. Via brede basiszorg en principes zoals Universal Design for Learning kan de leraar leeromgevingen ontwerpen waarin alle leerlingen ondersteuning krijgen, zonder dat een diagnose de voorwaarde wordt voor deelname.

Visie op onderwijs

Voor onze conclusie is het werk van Pierre Bourdieu richtinggevend. Hij toont hoe onderwijs via normen, verwachtingen en classificaties onbedoeld sociale ongelijkheid kan versterken. Door psychiatrische labels kritisch te benaderen en te kiezen voor een contextgerichte en inclusieve aanpak, positioneren wij onderwijs bewust als tegenkracht tegen die ongelijkheid.

Daarnaast sluiten we aan bij John Dewey, die onderwijs beschouwde als een sociale en democratische praktijk. Door verschillen te zien als een normaal en waardevol onderdeel van leren, wordt onderwijs een voorbereiding op actieve participatie in de samenleving.

Tijd voor actie!